Tijdens een Lapland reis is een huskisafari een activiteit die u niet mag missen. De safari`s zijn geschikt voor avontuurlijke en sportieve mensen met gevoel voor balans, die van wildernis en ongerepte natuur houden. Voordat elke safari begint krijgt u thermo-kleding en zal de gids het omgaan met de honden, het inspannen en het besturen van de slede uitleggen. Over het algemeen pakt de berijder het gevoel voor het besturen van de slede snel op. De wat langere tochten in Lapland zijn iets zwaarder mede als gevolg van de langere dag afstanden waardoor enige ervaring en een goede conditie gewenst zijn.

De samenwerking
De samenwerking tussen het huskyteam en de berijder zijn een plezier om te ervaren en om er deel van uit te maken. Naarmate de samenwerking zich ontwikkelt, groeit de harmonie ook. Bij meerdaagse safari’s hoort hier ook het voeren van de honden en het helpen van de gids bij. Het aantal honden binnen een team is 4, 5 of 6. Dit is afhankelijk van welke tocht u boekt, van de sneeuwcondities en het totale gewicht van de slede met bagage en berijder. De honden die het dichtst bij de slede staan, zijn de wiel-honden en leveren de kracht. De middelste honden zijn de snelheids-honden en leveren het uithoudingsvermogen en regelen de snelheid van het team. De voorste honden zijn de leiders-honden en leveren de intelligentie.

De start
De start is zowel voor de honden als voor de berijder een hoog adrenaline moment, allen weten dat we bijna gaan vertrekken. De slede is vastgebonden aan een boom. Tijdens de start trekt de berijder met één hand de sleep-knoop uit het touw en met de andere hand houdt u de slede vast terwijl u met één been op een glijder staat en met het andere been maximaal op de rem die tussen de glijders in zit. Zodra het touw los is van de boom, laat u het touw los en laat het achter de slede slepen en pakt u met deze hand ook de slede vast daarbij nog steeds remmend met één been. De eerste keer wordt u hierbij geholpen door iemand op de huskyfarm. Dit harde remmen is meestal gedurende enkele minuten nodig totdat de honden zelf in een normaal tempo gaan lopen. Dit proces herhaalt zich na elke pauze en iedere ochtend. De slede heeft ook nog een anker, dit wordt alleen gebruikt wanneer de slede al stil staat als extra zekering van de slede.

De tocht
De tocht verloopt het prettigst als de berijder ontspannen en soepel op de slede staat. Op deze manier kunt u het beste op hobbels en bochten reageren. Voor scherpe bochten remt de berijder iets af en in de bocht hangt u, zoals op een fiets, om de slede ook goed door de bocht te laten gaan. Wanneer er een steile heuvel is, zal de berijder tussen de glijders van de slede in mee moeten steppen of zelfs afstappen en mee duwen. Bij een afdaling zal de berijder moeten remmen zodat de slede niet tegen de honden komt. De gids heeft een leidershond in zijn team die naar zijn opdrachten luistert, de andere teams volgen, ook al is de gids uit het zicht.

https://www.askja.be/bestemming/lapland/485/home